23-02-05

bouwers ontlenen langer door nieuw fiscaal regime

Het fiscale regime voor woonkredieten dat sinds dit jaar in voege is, zal ervoor zorgen dat de gemiddelde looptijd van woonkredieten stijgt van 20 tot 25 à 30 jaar. Het fiscale voordeel weegt zwaarder door als men langer ontleent.' Dat zegt John Romain van de Immotheker, de dienstverlener voor woningkredieten
 
De Immotheker introduceerde de hypotwister op haar website http://www.immotheker.be waarmee kredietnemers kunnen nagaan of een herfinanciering bij een andere kredietinstelling interessant is.

Door het nieuwe fiscale regime verdwijnt het oude en ingewikkelde systeem van de intrestaftrek en de belastingvermindering voor kapitaalaflossingen en verzekeringspremies. Het wordt vervangen door een eenvoudige aftrek voor de enige woning. Die basisaftrek geldt ongeacht het bedrag van de lening en de waarde van het aangekochte huis.
Het basisbedrag van deze aftrek bedraagt 1.860 euro per persoon. Tijdens de eerste tien jaar na het afsluiten van de lening wordt dat bedrag verhoogd met 620 euro tot 2.480 euro. Vanaf drie kinderen ten laste komt daar nog eens 60 euro bij.

Bron : www.tijd.be
 

07:35 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

15-02-05

Brandverzekering

Brandverzekeringen vormen een ingewikkelde materie, het mag dan ook niet verwonderen dat er heel wat misverstanden rond bestaan. Luc Devlamynck, verzekeringsmakelaar en voorzitter van de commissie brand van de Federatie voor Verzekerings- en Financiële tussenpersonen leek ons de geknipte persoon om de grootste fouten rond brandverzekeringen te bespreken.
 
  1. "Het huis zal nooit volledig afbranden, dus verzeker ik het niet volledig"
    Het gebeurt vaak dat bij afwezigheid van de bewoners een brand fataal is: vooraleer je buiten de vlammen kan zien is de temperatuur in het huis zo hoog opgelopen dat alles verwoest wordt. Ook het vele bluswater veroorzaakt extra schade. Bovendien is de kans groot dat de verzekeraar de evenredigheid zal toepassen: wanneer slechts een deel van de waarde verzekerd wordt zal dit deel ook op de schade toegepast worden. Bv.: de herbouwwaarde van de woning is 200.000 euro maar je verzekert slechts 150.000 euro (75%). Bij een schade van 10.000 euro betaalt je verzekeraar dan ook 7.500 euro (75%) uit. De algemene regel in brandverzekering is dat je het volledige bedrag moet verzekeren. Verzekeraars hebben systemen om dit bedrag te berekenen en zij zijn verplicht dit systeem aan de klanten voor te stellen. Helaas is dit soms een kort zinnetje in de bijzondere voorwaarden. Let dus op je contract!
  2. "Tweedehands meubelen moeten niet verzekerd worden"
    De inhoud van een woning kan bijna volledig in nieuwwaarde verzekerd worden. D.w.z. dat de vergoeding zal bestaan uit de prijs die voor een nieuw goed in de winkel moet betaald worden. Uitzondering is er voor goederen die snel aan slijtage onderhevig zijn (bv. kledij en linnengoed) en voor goederen die niet nieuw te koop zijn (bv. antiek). Bovendien verbiedt de wetgeving om de sleet in mindering te brengen wanneer deze kleiner is dan 30%. M.a.w.: een zetel met nieuwwaarde 1.000 euro en sleet 30% is nog steeds vergoedbaar voor 1.000 euro. Steeds meer verzekeraars hebben ook een zeer gunstige regeling wanneer de sleet groter is dan 30%. Als je salon voor 50% versleten is zullen deze verzekeraars nog voor 80% vergoeden. Let wel op je polisvoorwaarden: er zijn immers ook maatschappijen die de sleet volledig in mindering brengen als deze groter wordt dan 30%.
  3. "De waarde van de woning is gelijk aan de verkoopwaarde"
    Het is fout de verkoopwaarde van je woning te willen gebruiken in de brandverzekering. Verzekeraars maken volledig abstractie van deze waarde. Als eigenaar verzeker je de herbouwwaarde van je woning en hierbij speelt de waarde van de grond geen enkele rol. Bij de verkoopwaarde des te meer. Bv. een woning met een groot stuk extra bouwgrond zal in verkoopwaarde wellicht hoger scoren dan in herbouwwaarde. Ook bij herbouwwaarde mag de verzekeraar de eerste 30% sleet niet in mindering brengen (zie nr. 2).
  4. Een huurder verzekert enkel de inhoud
    De huurder van een gebouw zal ook voor de verzekering van zijn aansprakelijkheid moeten uitkijken. Op het einde van de huur moet het gebouw immers teruggegeven worden aan de verhuurder. De aansprakelijkheid van de huurder kan oplopen tot de werkelijke waarde van het gebouw. Dit is de herbouwwaarde min de sleet. Een verzekeringsmakelaar of -agent zal je zeker kunnen helpen om deze waarden te berekenen.
  5. Geen bouwvergunning, geen verzekering?
    Hierover zijn al veel discussies gevoerd. De rechtbank stelt echter de verzekeraar iedere keer in het ongelijk wanneer deze beweert dat de brandpolis niet geldig is omdat er geen bouwvergunning was. Omdat de brandpolis niet kan beschouwd worden als het middel om een bouwovertreding in stand te houden, wordt telkens beslist dat de polis wel geldig is. Toch blijft het om tal van andere redenen onverstandig zonder bouwvergunning te bouwen.
  6. "Als het afbrandt moet ik herbouwen"
    Dit is niet noodzakelijk. Je kan ook beslissen om een ander gebouw te kopen met de vergoeding voor het afgebrande gebouw. Als je niet herstelt of herbelegt (ander gebouw kopen) dan is er nog steeds in de landverzekeringswet een minimumvergoeding voorzien. Binnen de 30 dagen na overeenkomst over de schade moet een verzekeraar die in nieuwwaarde verzekert minstens 80% van de schade betalen. Er zijn zelfs maatschappijen die onmiddellijk 100% vergoeden. Afhankelijk van wat de klant met de centen doet zal de vergoeding verhoogd worden met de btw (herstelling of nieuwbouw) of verhoogd worden met de registratierechten (aankopen ander gebouw).

Bron : www.livios.be

18:00 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-02-05

De veiligheidscoördinator: een stand van zaken

Er was de afgelopen tijd heel wat te doen rond de veiligheidscoördinator. En nog bestaat er weinig duidelijkheid. Ondanks een eerder negatief advies van de Raad van State en de gebrekkige communicatie omtrent dit dossier, is de veiligheidscoördinatie niet afgeschaft voor kleinere werken. Een huidige stand van zaken.

Het Staatsblad meldde op donderdag 27 januari in een KB de versoepeling van de veiligheidscoördinatie op bouwplaatsen kleiner dan 500 m². In tegenstelling tot eerdere berichtgevingen, heft deze nieuwe reglementering de verplichting niet op om veiligheidscoördinatoren aan te stellen. De Europese regelgeving staat hier trouwens geen afwijking toe.

Wel mogen nu de bouwprofessionals, architecten en aannemers zelf de functie van veiligheidscoördinator uitoefenen voor renovatie- of bouwwerken met een oppervlakte kleiner dan 500 m² die geen verhoogd risico inhouden. Dit zal niet noodzakelijk het geval zijn voor vele andere bouw- of renovatiewerken die, hoewel zij ook onder de grens van 500 m² blijven, risico's voor het vallen van grote hoogte of andere specifieke risico's vertonen.

Nochtans is dit KB wel een stap in de goede richting. Door de toegangs- en uitoefeningsvoorwaarden van de coördinator te vereenvoudigen voor de architecten en aannemers, spoort de reglementering hen aan om deze bijkomende opdracht te aanvaarden voor kleine renovatie- of bouwwerken die geen verhoogd risico inhouden. Zij zijn echter niet verplicht om deze extra taak op zich te nemen. Een beroep op een externe coördinator is dus nog steeds mogelijk.

Illusie

Volgens de Vlaamse architectenvereniging NAV wordt de rompslomp van de veiligheidscoördinatie op een handige manier doorgespeeld naar architecten en aannemers. “Blijkbaar leeft de illusie dat wij de werkzaamheden gratis zouden moeten doen. Dit kan en zal uiteraard niet gebeuren,” klinkt het verbolgen bij de architectenorganisatie.

In tegenstelling tot het NAV zijn De Vlaamse woningbouwers wel blij met de extra mogelijkheden om de veiligheidscoördinatie op zich te nemen. Maar zij willen tegelijk waarschuwen voor té hoge verwachtingen op het vlak van prijsdalingen.

Of de professionals de verantwoordelijkheid voor de coördinatie zullen opnemen, hangt uitsluitend af van de manier waarop zij de vereenvoudigingen in de reglementering zullen bekijken. Vinden zij die ontoereikend – en de praktijk van de komende maanden zal dit uitwijzen – dan zal de nieuwe reglementering haar doel missen.

Volgens de laatste berichtgevingen van het NAVB, het Nationaal Actiecomité voor Veiligheid en Hygiëne in het Bouwbedrijf, is het goed mogelijk dat er nog beroep wordt aangetekend tegen dit KB, geruggensteund door het negatief advies van de Raad van State.

Bron : www.livios.be


09:09 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |