15-09-04

Belgische woning acht procent duurder in 2003

De prijzen van woningen in België zijn in 2003 gemiddeld met 8 procent gestegen tegenover 2002.
 
Dat blijkt uit een analyse die ERA, een internationaal netwerk van makelaars maakte in veertien (West-)Europese landen. De stijging is minder sterk dan in de meeste andere landen, waar de woningprijzen sowieso al hoger liggen dan bij ons.
 
De prijzen van residentieel vastgoed stegen in 2003 het sterkst in Groot-Brittanië (+22 procent), Spanje (+18 procent) en Zweden (+17,8 procent). In Nederland stegen de prijzen nauwelijks (+1,1 procent) en in Duitsland daalden de woningprijzen zelfs met 3,5 procent.
 
De opwaartse trend tekent zich het sterkst af in steden. In Londen, waar de prijzen extreem hoog liggen, is een woning iets goedkoper geworden. Brussel zal nog duurder worden, onder meer door de komst van tienduizenden koopkrachtige nieuwe Europeanen, maar Brussel blijft de goedkoopste hoofdstad van alle onderzochte landen. In 2003 werden in ons land 5.242 meer huizen verkocht dan het jaar voordien, een stijging van 4,1 procent. Van alle onderzochte landen steeg het aantal woningverkopen het sterkst in Spanje (+108 procent), waar in 2003 meer vakantiewoningen verkocht werden dan het totaal aantal woningen dat in België van eigenaar veranderde.
ERA verwacht dat de woningprijzen in Europa zullen blijven stijgen omdat mensen liever in vastgoed investeren door de lage rente en de zwakke aandelenmarkt.
Bron : www.bouwenwonen.net en www.gva.be

12:22 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-09-04

Energieprestatienormen leiden tot grondige wijziging van bou

Energieprestatienormen leiden tot grondige wijziging van bouwproces en kunnen zwartwerk verminderen
 
VCB vraagt duidelijkheid tegen eind 2004


Het regeerakkoord voorziet in de invoering van een energieprestatieregelgeving voor gebouwen vanaf 2006. Zopas heeft Vlaams minister van Leefmilieu, Openbare werken en Energie bevestigd dat hij vanaf 1 januari 2006 de energieprestatienormen wil realiseren. Met het uitvoeringsbesluit dat nu voorligt, zal vanaf dan het energieprestatieniveau E-100 gelden. Op voorwaarde dat de verwarmingsinstallaties van het gebouw voldoende performant zijn, komt dit peil overeen met een k-waarde (warmteverliescoëfficiënt) van 45. Dit is gevoelig strenger dan de k55-waarde die de huidige isolatienormen opleggen. Het is duidelijk dat de energieprestatienormen onze manier van bouwen grondig zullen wijzigen. De Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) pleit er dan ook voor dat zo snel mogelijk duidelijkheid komt in de nieuwe normen en in hun berekening. Dan kunnen de gevestigde aannemers zich optimaal op de nieuwe regeling voorbereiden. Bijkomend voordeel van de energieprestatieregeling is dat zij het ondeskundig isoleren door zwartwerkers kan tegengaan.


De VCB is voorstander van een verstrenging van de isolatienormen voor woningen en andere gebouwen. Essentieel bij de nieuwe regelgeving is dat zij zich niet beperkt tot de isolerende eigenschappen van de bouwschil (muren, vensters en daken). Daarnaast zal ook het energierendement van verwarmings- en elektrische toestellen in rekening worden gebracht. Dit moet uiteindelijk leiden tot een verbetering van de energieprestatie van de ganse woning en dus niet alleen van haar isolerende eigenschappen.


Tegelijk stelt het regeerakkoord uitdrukkelijk dat de nieuwe regering de energieprestatienormen zal doen respecteren. Men kan dus een strenger toezicht op de uitvoering van bouwwerken verwachten. Het is niet voldoende spouwmuurisolatie te plaatsen. De isolatie moet ook vakkundig geplaatst worden. Zoniet gaat het isolerend effect grotendeels verloren. Strengere controles op de uitvoering zullen aldus het vakmanschap van reguliere bedrijven bevorderen. Nu komen weinig deskundige zwartwerkers nog te gemakkelijk weg. Dit zal in de toekomst niet meer kunnen. Aldus zal het decreet op de energieprestatienormen tot meer reguliere bouwactiviteit leiden, niet alleen bij de ruwbouwwerken (voor het plaatsen van isolatie) maar ook in de installatiesector (voor het plaatsen van hoogrendementsketels). Aan het nieuwe decreet is, met zijn isolatieformulieren, energieprestatie-aangiftes, conformiteitsattesten en energieprestatiecertificaten, wel een risico verbonden: dat het toezicht in belangrijke mate een administratieve controle zal worden. Dit moet de nieuwe regering vermijden.


De energieprestatienormen zullen onze manier van bouwen grondig wijzigen. De spouwisolatie zal dikker en hoogrendementsglas de standaard worden, hoogrendementsinstallaties zullen gemeengoed worden. Om de opgelegde energieprestaties te kunnen realiseren zullen ontwerpers en uitvoerders goed op elkaar moeten zijn afgestemd. Bovendien moet er ook bij de producenten van isolatiemateriaal en verwarmingstoestellen op voorhand duidelijkheid bestaan over wat precies wordt verwacht. Dan kunnen zij tijdig hun productiecapaciteit hierop afstemmen, zonder dat een kostprijsverhogende schaarste ontstaat.


Vandaar het belang van een voldoende lange overgangsperiode opdat opdrachtgevers, producenten, architecten en aannemers zich tijdig kunnen voorbereiden. De nieuwe regelgeving zal van toepassing zijn vanaf 1 januari 2006. Voor heel wat woningen die in 2006 zullen worden gebouwd, zullen er al in 2005 aankoop- en aannemingscontracten worden afgesloten. Opdat deze woningen in 2006 conform de nieuwe regeling kunnen worden gebouwd, is het belangrijk dat alle technische details en de bijbehorende berekeningsprogramma’s ten laatste tegen einde 2004 op punt zouden staan.


Marc Dillen, directeur-generaal van de Vlaamse Confederatie Bouw


Bron:
Vlaamse Confederatie Bouw  en www.bouwinfo.be

07:01 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Is een foutieve offerte van de aannemer altijd bindend voor de bouwheer?

Wanneer een aannemer een fout maakt in de optelling van de prijsofferte, waardoor de eindfactuur merkelijk hoger ligt dan het vooropgestelde bedrag in de offerte, moet je dan als bouwheer de eindfactuur betalen? Het Hof van Beroep Bergen, 17 juni 2002.
 
Het feitenrelaas

Een aannemer maakt voor de vernieuwing van een kapsalon een prijsofferte die door de bouwheer aanvaard wordt. Wanneer de bouwheer na afloop van de werken de eindfactuur ontvangt, wordt 5.000 euro meer in rekening gebracht door de aannemer. Ondanks het feit dat de prijsofferte gedetailleerd alle prijzen had vermeld, had de aannemer een optelfout gemaakt.
De bouwheer weigert de hogere prijs te betalen. Hij stelt dat hij de offerte nooit goedgekeurd zou hebben indien hij de echte kostprijs van de werken geweten had. Volgens de bouwheer was immers de bedoeling van beide partijen om een overeenkomst te sluiten voor een vaste prijs zodat hij niet verplicht zou kunnen worden het surplus te betalen. Tenslotte meent de bouwheer dat hij niet het slachtoffer mag zijn van een rekenfout van de aannemer.
 
Het oordeel van het Hof

Het Hof wijst erop dat men onduidelijkheden volgens artikel 1161 van het Burgerlijk Wetboek moet uitklaren aan de hand van alle bepalingen die in de overeenkomst voorkomen. Nu de door de bouwheer goedgekeurde prijsofferte duidelijk alle individuele prijzen vermeldde, kan men de overeenkomst volgens het Hof dan ook niet verstaan alsof de aannemer een gedeelte van de werken gratis zou uitvoeren.
De optelfout van de aannemer waarbij een bedrag, dat wel vermeld was in het detail, vergeten was, beoordeelt het Hof als een onachtzaamheid die elke voorzichtige en vooruitziende vakman kan overkomen. Het Hof meent dan ook dat een dergelijke vergissing van de aannemer slechts aanleiding kan geven tot de verbetering van de aannemingsovereenkomst maar niet tot de nietigheid ervan.
De bouwheer stelt volgens het Hof onterecht tot het sluiten van de overeenkomst misleid te zijn: de offerte bevatte immers duidelijk de kostprijs van alle werken, ook al werd één prijs vergeten bij de optelling. Volgens het Hof gaat de bouwheer dus niet vrijuit vermits hij in de onderhandelingen, waar elke post van de offerte grondig besproken werd, voldoende informatie gekregen heeft over de kostprijs van de werken. Het Hof oordeelt dan ook dat de bouwheer in het bezit was van voldoende informatie om vooraleer tot ondertekening over te gaan tot de vaststelling te kunnen komen dat er een vergissing in de offerte geslopen was.
 
Gouden raad

Voor de bouwheer houdt dit arrest in dat men een prijsofferte best grondig controleert vooraleer voor akkoord te tekenen. Men kan zich, om betaling te ontlopen, immers niet verschuilen achter een materiële vergissing van de aannemer bij het opstellen van zijn offerte wanneer men als bouwheer tijdig over voldoende gegevens beschikte om de vergissing eigenhandig te kunnen vaststellen.
Bron : www.livios.be

06:59 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |