12-07-04

Heeft windenergie wel toekomst?

Wat doen we met de windmolens? Gaan we door of stoppen we ermee en bundelen we al ons kapitaal en onze innovatiekracht in een andere richting? In waterstof bijvoorbeeld of kernsplitsing, kernfusie, zonne-energie, biobrandstoffen, aardwarmte (-koeling) of water- of getijdenkracht? Of blijven we bij de fossiele brandstoffen en wachten we tot zachtjes het licht en de kachel uitgaan? Want windmolens, zeggen de tegenstanders, zijn veel te duur als je het afzet tegen het rendement. Dat is misschien wel waar, maar, zeggen de voorstanders, we zijn nu op een punt aanbeland dat op sommige plekken de kosten van windenergie gelijk zijn aan die van centrales die gebruikmaken van fossiele brandstoffen
Windmolens zijn zinloze machines, schrijft ingenieur J.A. Halkema in zijn gelijknamige boekje. Prof.dr.ir. F. Kreuger van de TU Delft laat eveneens kritische geluiden horen in zijn publicatie 'Waar staan we met windenergie?' Ook hij vindt dat er maar een heel klein effect staat tegenover het vele geld dat in windenergie wordt gepompt. Voorts stelt hij dat windenergie geen conventionele centrales kan vervangen en dat zelfs de elektriciteitsvoorziening in gevaar kan komen. Waar het vroeger vrijwel alleen kritiek betrof over windmolens als landschapsvervuilers halen nu dus ingenieurs de zakjapanners tevoorschijn om voor te rekenen dat hier geld aan luchtkastelen wordt besteed. Halkema, al jaren een fervent tegenstander, stelt dat bij een verdubbeling van de wereldbevolking over enkele tientallen jaren, en daarmee een enorme toename van de energiebehoefte, het een verspilling van tijd en energie is zich bezig te houden met systemen zoals windenergie, die vanwege hun technische en natuurkundige onmogelijkheden nooit in staat zullen zijn om grote hoeveelheden energie op te wekken. Bij propagandisten van windenergie gaat het volgens hem niet om grote hoeveelheden kilowatturen op te wekken, maar echter om veel geld te verdienen. Wind is het allerzwakste medium voor de aandrijving van een krachtwerktuig stelt hij. Alleen vanwege zijn gewicht al, 1,22 kg/m³. Water daarentegen weegt 800 keer zo zwaar, 1000 kilo per kubieke meter. De drie bladen van een windmolen worden maar getroffen door een heel klein gedeelte van de lucht, het meeste gaat ertussendoor. En de propeller draait alleen als het voldoende waait en heeft een maximaal vermogen bij Beaufort 8 (stormachtig). Halkema: "Maar de meest ellendige eigenschap van een windmolen is dat het vermogen varieert met de derde macht van de windsnelheid. Dat betekent dat het vermogen dat dus maximaal is bij zeer harde wind, Beaufort 7 tot 8, extreem sterk daalt wanneer de windsterkte afneemt. Vermindert de wind naar iets meer dan de helft, Beaufort 4 of circa 8 m/s, dan daalt het vermogen door deze derde macht al tot een 1/2 x 1/2 x 1/2 = 1/8; dat is tot 12 procent." Bij een daling naar een derde van het maximale vermogen blijft er slechts 3 procent over. De KEMA-windmonitor over de periode april 2002 tot maart 2003 laat zien dat het totale Nederlandse energieverbruik in die periode gemiddeld over het hele jaar circa 12.500.000 kilowatt is. In die periode waren er 1528 windmolens in gebruik met een nominaal vermogen van 678.000 kilowatt, dat is 444 kilowatt per windmolen. Deze produceerde 103.900 kilowatt. Dat is, zo rekent Halkema, maar 8,3 promille t.o.v. ons totale Nederlandse verbruik. Doorrekenend stelt hij dat een windmolen ongeveer 1/200.000 deel van ons totale energieverbruik opwekt. Hij vindt dan ook dat de Nederlandse burger "op schandalige wijze bedrogen wordt met al die verhalen over het nut van die onzinnige apparaten".
Kreuger schrijft in een publicatie in een nieuwsbrief van de stichting HAN, die als doel heeft publiek en politiek van een zo objectief mogelijke informatie te voorzien op het gebied van milieu, biotechnologie en aanverwante terreinen, over de stand van zaken wat betreft windmolens, dat als windzwakke en windstille dagen samenvallen met de winterpiek, de windparken geen vermogen bijdragen. De Nederlandse centrales moeten dan op vol vermogen draaien. Net zoals ze dat zouden moeten doen zónder windparken. De centrales hiervoor moeten in stand gehouden worden dan wel bijgebouwd als het elektriciteitsverbruik groeit. "Het realiseren van windparken heeft dus geen invloed op de bouw van elektriciteitscentrales in Nederland." Het milieueffect van windmolens is volgens Kreuger te verwaarlozen. " Het totaal van alle windparken in Nederland draagt thans minder dan 1/4 procent bij aan de besparing van brandstoffen of aan de uitstoot van rookgassen." Voorts zet hij grote vraagtekens bij de kosten van een megawindpark voor de kust, dat 15 tot 25 miljard euro moet gaan kosten. De variatie in die getallen hangt af van de groei van het verbruik. "Om aan te geven dat deze uitgave nationale proporties aanneemt, is dit bedrag vergeleken met de kosten van de Deltawerken een project van nationale grootte, dat men indertijd uit levensnoodzaak is aangegaan. Het beoogde megawindpark in zee blijkt dan drie- à vijfmaal meer te kosten dan de Deltawerken en met een resultaat dat geen zichtbaar gewicht in de schaal legt."
Bron : www.bouwenwonen.net en www.telegraaf.nl

12:36 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.