22-06-04

Strengere isolatienormen voor woningen vanaf 1 januari 2006

De thermische isolatie-eisen die sinds 1992 in Vlaanderen voor woongebouwen gelden, worden verstrengd. Voor woningen, kantoren en scholen wordt tegelijk een energieprestatie-eis ingevoerd. Voor de particuliere woningbouw heeft dit onder meer tot gevolg dat vanaf 1 januari 2006 de isolatienorm niet langer K-55, maar K-45 bedraagt. Nieuwbouwwoningen dienen een E-score van 100 te krijgen: energieprestatiepeil 100. Ook bij renovaties waarbij een architect betrokken is, zullen strikte voorwaarden gesteld worden.
Dit lezen we in een document van het WTCB, het Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf.

Het verbeteren van de energieprestaties van de Vlaamse gebouwen vormt een belangrijke maatregel om het protocol van Kyoto (1997) na te leven. De Europese richtlijn van 16 december 2002 over de energieprestatie van gebouwen verplicht de lidstaten onder meer om tegen begin 2006 minimumeisen op te leggen aan de energieprestatie van nieuwe en gerenoveerde grote gebouwen en om een energiecertificaat in te voeren bij nieuwbouw, verkoop of verhuur van een gebouw.
De bevoegdheid over energie is in ons land grotendeels gedelegeerd naar de gewesten, die dus voor de omzetting van deze richtlijn moeten zorgen. Voor Vlaanderen gebeurt dat door de ANRE, de Afdeling Natuurlijke Rijkdommen en Energie. Het isolatiebesluit wordt vervangen door een decreet dat het algemene kader beschrijft en een uitvoeringsbesluit dat de concrete eisen vastlegt. De meerderheidspartijen keurden een voorstel van decreet goed op 20 april 2004. Volgens de gangbare procedure wordt er momenteel advies aan de SERV en Mina-raad gevraagd. Nadien zal het ontwerp ook aan de Raad van State voorgelegd worden, alvorens de regering haar definitieve goedkeuring kan geven.

Welke gebouwen?

Het energieprestatiebesluit legt eisen op aan alle nieuwe gebouwen en aan alle bestaande gebouwen die verbouwd, uitgebreid… worden. Dit wel op voorwaarde dat het gebouw verwarmd of gekoeld wordt voor mensen die er wonen, werken, winkelen, sporten… en dat er voor de werken een stedenbouwkundige vergunning nodig is. Naast eisen voor woongebouwen zijn er eisen voor alle andere categorieën van gebouwen: kantoren, scholen, industriële gebouwen, handelszaken, horeca en sportfaciliteiten. Werken aan kleine gebouwen (<3000 m³) waarvoor een stedenbouwkundige vergunning wordt aangevraagd zonder de tussenkomst van een architect, zijn vrijgesteld. Voor beschermde monumenten en gebouwen gelegen in een beschermd stads- of dorpsgezicht of beschermd landschap, kunnen per gebouw uitzonderingen aangevraagd worden voor een of meerdere van de eisen.

Welke eisen worden opgelegd?
De eisen hangen af van de bestemming van het gebouw (wonen, kantoor, sport, industrie) en van de aard van de werken (nieuwbouw, verbouwing, functiewijziging). Het energieprestatiebesluit stelt eisen aan de energieprestatie van een gebouw (maximaal E-peil), verstrengt de thermische isolatie-eisen (maximaal K-peil en U-waarden) en legt eisen op aan het binnenklimaat in de vorm van minimale ventilatievoorzieningen en het beperken van het risico op oververhitting ’s zomers in woongebouwen. Voor herbouw van een gebouw, uitbreiding met een beschermd volume groter dan 800 m³, uitbreiding met minstens één wooneenheid en voor een zeer grondige renovatie van een groot gebouw gelden dezelfde eisen als voor een nieuwbouw met dezelfde bestemming. Bij een verbouwing worden eisen gesteld aan de U-waarden (=warmtedoorgangscoëfficiënt) van de verbouwde en nieuwe delen en moeten toevoeropeningen voor ventilatie voorzien worden in de ruimten waar ramen vervangen worden.
Voor een uitbreiding met een beschermd volume kleiner dan 800 m³ die geen wooneenheden bevat, worden eisen gesteld aan de U-waarden van de verbouwde en nieuwe delen en moet het minimale ventilatiedebiet gerespecteerd worden. Voor een functiewijziging van onverwarmd gebruik naar verwarmd gebruik en voor een functiewijziging van industrie naar wonen, kantoren of scholen, moet voldaan worden aan een maximaal K65-peil.

Overzicht van de eisen voor nieuwe gebouwen

 Woongebouwen
Kantoren en scholen
Andere specifieke bestemmingenIndustriële gebouwen
Thermische isolatieK45 en UmaxK45 en UmaxK45 en UmaxK55 of Umax
BinnenklimaatResidentiële ventilatie +
oververhitting
Niet-residentiële
ventilatie
Niet-residentiële
ventilatie
Niet-residentiële
ventilatie
EnergieprestatieE100E100--


Hoe aantonen?

Na het voltooien van de werken moet de opdrachtgever door middel van een zogenaamde 'EPB-aangifte' aantonen dat zijn gebouw voldoet aan de EPB-eisen. Zo kan hij de aangifte opstellen overeenkomstig de werkelijke uitvoering. De opdrachtgever behoudt de vrijheid om tijdens de uitvoering van de werken nog bepaalde keuzes (materialen, installaties) te veranderen, zolang het geheel maar blijft voldoen aan de eisen. Dit neemt niet weg dat de architect vanaf het ontwerp rekening moet houden met de EPB-eisen. Daarom wordt bij de aanvraag van een stedenbouwkundige vergunning een EPB-voorstel gevraagd dat indicatief en beschrijvend weergeeft hoe het gebouw aan de EPB-eisen zal voldoen.
De opdrachtgever moet voor de start van de werken een 'verslaggever' aanstellen. Deze verslaggever moet tijdens de uitvoering alle zaken die de energieprestatie van het gebouw beïnvloeden, nauwkeurig bijhouden en op het einde van de werken de definitieve berekening voor de EPB-aangifte maken. De architect kan de functie van verslaggever vervullen, maar het kan ook iemand anders zijn die over het vereiste diploma (ingenieur) beschikt.

Wat als het gebouw niet voldoet?

Van in het ontwerpstadium en doorheen het hele bouwproces zal de bouwheer met zijn ontwerper(s) en verslaggever d.m.v. een gebruiksvriendelijke software te allen tijde kunnen nazien of volledig aan alle gestelde eisen voldaan is. De bouwheer kan dus tijdig de nodige maatregelen laten plannen en correct laten uitvoeren. Aangezien pas na de beëindiging van de werken gerapporteerd moet worden, beschikt hij over ruim voldoende tijd om alle nodige acties te ondernemen om zich conform te stellen met de eisen.
Ingeval er zich toch onregelmatigheden zouden voordoen, kan de overheid, na overleg met de betrokkene, in laatste instantie administratieve boeten als sanctie hanteren. De eigenaar kan beboet worden wanneer hij de procedures niet volgt of wanneer in de EPB-aangifte (na beëindiging van de nodige werken) gerapporteerd wordt dat alsnog aan een of meerdere EPB-eisen niet voldaan is. De verslaggever kan beboet worden wanneer vastgesteld wordt dat de berekeningen uitgevoerd zijn met gegevens die niet overeenstemmen met de werkelijkheid. De boeten zijn evenredig met de afwijking van de EPB-eis en met de kostprijs van de investering om wel te voldoen.

Voordelen en extra inspanning

De methode om de energieprestatie te bepalen en de verschillende eisen laten vooreerst toe het ontwerp gemakkelijk te optimaliseren om een verbeterd binnenklimaat te bekomen:
  • de ventilatievoorzieningen zullen het realiseren van een goede binnenluchtkwaliteit mogelijk maken. Dit is belangrijk voor een goede gezondheid van de gebruikers van het gebouw;
  • er gebeurt een nazicht van het risico op oververhitting in de zomer, zodat eventuele problemen al in de ontwerpfase gedetecteerd en verholpen kunnen worden;
  • de goede thermische isolatie vermijdt lage oppervlaktetemperaturen.
Zo verhoogt het thermisch comfort en vermindert het risico op schimmelvorming en condensatie. De gebruikskwaliteit van het gebouw zal dus in velerlei opzicht verhogen. Daarnaast zorgen de goede isolatie en de energie-efficiënte installaties voor een lager energieverbruik, en dus jaarlijks voor terugkerende lagere energiekosten.Om baten te kunnen behalen, is het natuurlijk nodig bij de bouw een extra inspanning te leveren, maar deze is zeer beperkt, en al op korte termijn zeer kosteneffectief. De extra bouwkosten voor een E100-woning (het E-peil is de energieprestatie van een gebouw) worden tegenover de huidige bouwpraktijk geschat op 1.200 euro. De E100-woning is beter geïsoleerd, heeft betere installaties en een verwarming met een lager energieverbruik. De opdrachtgever verdient de extra bouwkosten in gemiddeld 2 à 3 jaar terug door een lagere energiefactuur. De opdrachtgever moet ook de verslaggever betalen, maar zelfs dan zal hij de meerkosten op een viertal jaar terugverdienen.
De extra kosten voor de ventilatie zijn hierbij niet meegerekend. Een goede ventilatie is niet nodig om de energieprestatie van een gebouw te verbeteren, maar wel voor een gezond binnenklimaat. Ventilatievoorzieningen zouden daarom nu al in alle woningen voorzien moeten zijn. Al meer dan 10 jaar is er een Belgische norm voor ventilatievoorzieningen.
Ze kunnen dan ook nu al zonder meer als regel van goed vakmanschap beschouwd worden. De energiebesparing blijft voor de levensduur van het gebouw. Een woning wordt gemiddeld 30 jaar bewoond zonder dat er werken uitgevoerd worden met een impact op de energieprestatie van het gebouw. Dit betekent dat de opdrachtgever nog ruim 25 jaar financieel voordeel heeft aan zijn woning die beter presteert op het vlak van energieverbruik.

Welke acties zal de Vlaamse overheid verder ondernemen?
Om de invoering van de energieprestatiereglementering te ondersteunen, zal de Vlaamse overheid onder meer volgende acties ondernemen:
  • een software ontwikkelen die de energieprestatie (het E-peil) van een gebouw berekent. Deze software zal gratis zijn voor de architecten, studiebureaus en verslaggevers.
  • overleg en communicatie naar de verschillende betrokken sectoren: architecten, studiebureaus, aannemers, installateurs en fabrikanten;
  • opleidingen aanbieden voor de betrokken sectoren;
  • communicatie voor het brede publiek;
  • een website uitwerken.
Dezelfde eisen in het Brussels Gewest en Wallonië?

Elk gewest is verplicht om de Europese richtlijn om te zetten. In het kader van het structurele overleg inzake energiebeleid tussen de federale staat en de gewesten, worden besprekingen gevoerd over de implementatie van de richtlijn. Hierbij wordt onderzocht of onderlinge samenwerking bij de implementatie mogelijk en aangewezen is. Het is momenteel nog niet duidelijk of in Brussel en Wallonië dezelfde eisen zullen gelden.

Via
deze link vind je de allerlaatste informatie terug over de verstrengde isolatienormen en het energieprestatiepeil.
Bron :
www.livios.be www.wtcb.be  www.confederatiebouw.be

23:11 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

isolatie naast een bestaand huis Bestuur,graag had ik vernomen door tegenstrijdige meningen als er naast een bestaande rijwoning een andere komt moet er dan isolatiemateriaal tussen de wachtmuur en de nieuwe te bouwen muur geplaatst worden?
de bouwfirma zegt van niet de gemeente wel?
dank

Gepost door: van den veyver marleen | 28-01-09

De commentaren zijn gesloten.