12-05-04

Bouwsector vreest concurrentie uit nieuwe EU-landen

Veertig procent van de Vlaamse bouw-kmo’s heeft vandaag af te rekenen met zware concurrentie van bedrijven en (schijn)zelfstandigen uit Centraal- en Oost-Europa. Deze zal met de uitbreiding van de Europese Unie nog toenemen, meent 70% van de bouwbedrijven. Dit blijkt uit een enquête van de Bouwunie, de bij Unizo aangesloten Unie van het KMO-bouwbedrijf.
 
Deze concurrentie vloeit vooral voort uit de lagere lonen en arbeidsvoorwaarden waaraan Centraal- en Oost-Europese bedrijven en zelfstandigen hier kunnen werken. Deze vorm van sociale dumping brengt minder werk mee voor de Vlaamse bouw-kmo’s, drukt de prijzen tot een abnormaal laag niveau en bedreigt de tewerkstelling van Vlaamse bouwvakarbeiders. De Bouwunie vraagt een strenge aanpak van alle vormen van oneerlijke concurrentie en de mogelijkheid voor Vlaamse bouw-kmo’s om op een eenvoudige manier bouwvakarbeiders uit Centraal- en Oost-Europa in hun bedrijf in te schrijven.

In de Belgische bouwsector zijn op dit ogenblik naar schatting een 50.000 onderdanen uit Centraal- en Oost-Europa, vooral Polen, actief. De voorbije jaren is er een duidelijke evolutie van volledig illegale toestanden (het in België binnenkomen via een toeristenvisum) naar het gebruik (meestal misbruik) van de detacheringsrichtlijn en het zelfstandigenstatuut. Normaliter moet iedereen die in België komt werken de Belgische loon- en arbeidsvoorwaarden volgen. Via een detachering kan dit aan de loon- en arbeidsvoorwaarden van het land van herkomst. Dit geldt wel alleen voor korte perioden: maximum 12 maanden (en verlengbaar). De zelfstandigen waarvan sprake zijn in de meeste gevallen schijnzelfstandigen. Ze werken steeds voor eenzelfde hoofdaannemer en spreken geen Nederlands zodat ze moeilijk zelf klanten kunnen werven. Aangezien deze (schijn)zelfstandigen allesbehalve werken aan Vlaamse bouwlonen, is er zeer duidelijk sprake van deloyale concurrentie. Dit fenomeen doet zich zeker voor op zeer grote bouwwerven waar, vaak internationale, groepen de onderaannemingsprijzen dermate laag maken dat er nog enkel ruimte is voor deze buitenlandse schijnzelfstandige toestanden.

Lagere prijzen uit noodzaak
De Bouwunie-enquête wijst dan ook uit dat 40% van de Vlaamse bouwbedrijven nu al af te rekenen heeft met zware concurrentie van bedrijven en zelfstandigen uit Centraal- en Oost-Europese landen.
De gevolgen daarvan zijn dat 69% minder werk heeft en 55% zijn prijzen moet laten zakken om concurrentieel te kunnen blijven. Het zijn vooral de voltooiingsbedrijven (schilders, schrijnwerkers, stukadoors) die het meeste last hebben van deze vorm van concurrentie. Deze manifesteert zich overigens overal in Vlaanderen, met een concentratie in de steden Antwerpen, Brussel en Gent, waar het fenomeen het eerst de kop opstak.
Maar liefst 70% van de Vlaamse bouw-kmo’s verwacht een toename van de concurrentie vanuit Centraal en Oost-Europa door de toetreding van deze landen tot de Europese Unie op 1 mei. Dit zal volgens hen leiden tot minder werk, lagere prijzen en een kleiner personeelsbestand.
Iets wat de Vlaamse bouwsector niet zomaar kan laten gebeuren. Er is dringend nood aan oplossingen.

Een ander probleem is het feit dat het ook sinds 1 mei voor Vlaamse bouwbedrijven quasi onmogelijk blijft om Centraal- en Oost-Europese vakarbeiders in dienst te nemen. Hiervoor moet het bedrijf over een arbeidsvergunning en de werknemer over een arbeidskaart beschikken. Deze worden zelden afgeleverd. Nochtans blijkt uit de Bouwunie-enquête dat maar liefst 44% van de Vlaamse bouwbedrijven geïnteresseerd zijn in het officieel inschrijven van Centraal- en Oost-Europese vakarbeiders in hun bedrijf, op voorwaarde dat dit zonder veel rompslomp kan gebeuren. Bij de grotere bedrijven (met meer dan 10 werknemers) ligt dit percentage nog aanzienlijk hoger: 70% van hen wil Poolse, Tsjechische, ... bouwvakarbeiders aanwerven. Dit is niet verwonderlijk als je weet dat er in Vlaanderen nog steeds nood is aan bekwame bouwvakkers.

Belgen naar Oost-Europa
Anderzijds is het wel mogelijk - en dit zonder veel formaliteiten - dat een zelfstandige of een bouwbedrijf (met personeel) uit een nieuw EU-land hier aan de slag gaat. Indien gebruik gemaakt wordt van het systeem van detachering kan dit aan de lonen en sociale voorwaarden van het land van herkomst. Deze liggen beduidend lager dan de Belgische. Het hoeft dus geen verder betoog dat de vrees van onze bouwbedrijven voor een toenemende concurrentie vanuit deze landen, waardoor de werkgelegenheid in het gedrang komt, niet ongegrond is. 20% van de Vlaamse bouw-kmo’s vertonen dan ook interesse in het zelf oprichten van een bouwbedrijf in Centraal of Oost-Europa, het ginds aanwerven van bouwvakarbeiders (aan de lagere loon- en andere voorwaarden van dat land) en het hier in België komen uitvoeren van bouwwerken met dat bedrijf. Zo blijkt uit de Bouwunie-enquête.
Dergelijke werkwijze houdt volgens de Bouwunie serieuze bedreigingen voor de eigen, Vlaamse, activiteit én werkgelegenheid in. Ook de bouwbedrijven zelf zijn zich daarvan bewust. Op de enquêtevraag wat er volgens hen moet gebeuren om alle mogelijke vormen van oneerlijke concurrentie vanuit Centraal- en Oost-Europese firma’s, zelfstandigen en arbeiders te bestrijden, antwoorden ze in eerste orde: een strengere aanpak van Belgische bedrijven die op een oneerlijke manier beroep doen op nieuwe EU’ers, meer gerichte controles op buitenlanders om oneerlijke concurrentie op te sporen en een harde aanpak van buitenlandse schijnzelfstandigen. Daarnaast willen ze dat er in België een betaalbare overurenregeling komt en dat ze op zaterdag mogen werken.

Bron :
www.bouwunie en www.livios.be

08:24 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.