31-03-04

Grondverzet maakt bouw duurder

 Opdrachtgevers en architecten zijn nog niet vertrouwd met de grondverzetregeling die op 1 april definitief en volledig in werking treedt. Slechts 8% van de aannemers heeft al een technisch verslag (d.i. het paspoort van de grond) bij zijn bestek gekregen. Dit blijkt uit een enquête die de Bouwunie bij 200 Vlaamse aannemers uitvoerde. Deze enquête wijst verder uit dat de kostprijs voor het afleveren van grond zowat verdubbeld is ten opzichte van vorig jaar. Er zijn momenteel geen goede oplossingen voor wie op een goedkope en eenvoudige manier zijn grond kwijt wil. Bovendien brengt deze regeling een veel te grote administratie met zich mee. De Bouwunie vraagt de overheid een sensibiliseringsactie op poten te zetten. Daarnaast moeten er meer en betaalbare afzetgebieden voor grond komen en een substantiële vermindering van de administratieve rompslomp.

Op 1 april 2004 treedt de regeling grondverzet definitief en volledig in werking. Hiedoor kan grond niet zomaar af- of uitgegraven en ergens anders gedeponeerd worden. Daarvoor moet je eerst de nodige rapporten en documenten kunnen voorleggen. Sinds 1 januari 2004 moet deze reglementering al voor bepaalde werken worden toegepast. Om in kaart te brengen hoe een en ander in de praktijk verloopt, onderwierp de Bouwunie 200 Vlaamse aannemers (algemene aannemers, ruwbouwaannemers, wegenbouwers, kabel- en leidingleggers, grondwerkers) aan een enquête. En dit leverde frappante resultaten op. Zo houdt de overgrote meerderheid van de opdrachtgevers en architecten nog geen rekening met de nieuwe reglementering. Ze voegen zelden of nooit een technisch verslag (geeft de milieuhygiënische kwaliteit van de grond aan) bij het bestek. Hierdoor kan de aannemer die de grond moet uitgraven en vervoeren geen correcte prijs voor het grondverzet geven. Want hij kent de kwaliteit van de grond niet. En afvoer van verontreinigde grond is uiteraard veel duurder dan afvoer van propere grond. Volgens de Bouwunie is het dus hoogstnoodzakelijk dat de overheid een sensibiliseringsactie op het getouw zet. Op die manier weet de (ver)bouwer dat hij een technisch verslag en een extra budget moet voorzien.

Daarnaast wijst de Bouwunie-enquête uit dat er te weinig plaatsen zijn waar de aannemer of vervoerder met de grond naar toe kan. Aan de afzet van grond hangt dus een serieus prijskaartje. Uit de enquête blijkt dat de kostprijs voor het afleveren van grond zowat verdubbeld is ten opzichte van vorig jaar. Bovendien kan slechts een kleine helft van de aannemers deze substantiële meerkost doorrekenen. Zowel voor de opdrachtgever, de overheid als de aannemer zou het een goede zaak zijn dat er meer afzetgebieden voor grond komen. Er komt dan budgettair meer ruimte vrij voor het bouwen op zich.

Tot slot klagen heel wat aannemers en (ver)bouwers de administratieve rompslomp aan die de grondverzetregeling met zich meebrengt. Het gaat om het technisch verslag, het bodembeheerrapport en de vrachtbrieven voor het vervoer. Deze documenten betekenen in de praktijk niet altijd een meerwaarde. Een vereenvoudiging dringt zich dus op. In het geval de grond tijdelijk wordt uitgegraven (en dus ter plaatse verwerkt wordt) is eigenlijk geen technisch verslag of bodembeheerrapport nodig. Het doel van de reglementering is het voorkomen van nieuwe grondverontreiniging en daartoe is in dit geval geen gevaar. Ook wanneer de grond wordt afgevoerd naar een grondreinigingscentrum (GRC) of tijdelijke opslagplaats (TOP) stelt de BOUWUNIE het nut van een bodembeheerrapport (attesteert dat de grond op zijn plaats van bestemming mag herbruikt worden) in vraag. Het is nooit de bedoeling de grond daar definitief te laten. De TOP of GRC moet beslissen of dergelijk rapport al dan niet nodig is. De wettelijke verplichting wordt best afgeschaft. De Bouwunie stelt verder dat ook voor de gevallen waar technische verslagen en bodembeheerrapporten vereist zijn, een sterke vermindering van de administratieve rompslomp noodzakelijk is.

Een grondverzetregeling die op een realistische leest geschoeid is, zal veel minder ergernis bij opdrachtgevers en aannemers veroorzaken en bijgevolg veel meer dan nu het geval is, haar doel (vermijden dat vervuilde grond verspreidt) bereiken.
Bron : bouwunie

15:09 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.