28-03-04

Luchtdichte gebouwen verliezen geen warmte

'Overisolatie kan leiden tot nadelige effecten in je woning.' In samenwerking met het Centrum Duurzaam Bouwen (CeDuBo) wil Livios deze stelling weerleggen. Overisolatie bestaat niet, enkel onderventilatie bestaat. Meer nog, luchtdicht afsluiten is een must voor moderne, duurzame gebouwen.


Met de regelmaat van een klok hoor je de opmerking dat in gebouwen vochtproblemen zouden ontstaan door overisolatie. Sinds we in de jaren '70 massaal onze gebouwen zijn gaan isoleren, zijn we ze ook beter gaan afsluiten. Maar, we zagen toen wel over het hoofd dat we diezelfde gebouwen ook moeten ventileren. Vandaag weten we het maar al te goed: overisolatie bestaat niet, onderventilatie bestaat. Meer nog, luchtdicht afsluiten is een must voor moderne, duurzame gebouwen.

Luchtlek is warmtelek
Waarom? Ten eerste, elk luchtlek is ook een 'warmtelek'. Lucht die ongecontroleerd een gebouw binnenkomt, moet worden opgewarmd. Bovendien geeft 'tocht' een zeer oncomfortabel gevoel en geeft het de bewoner de neiging om de verwarming maar wat hoger te zetten. En vergeet niet, elke graad betekent 7 procent van je energierekening. Een goede ventilatie is in feite een goed beheerste stroom van verse lucht. Het spreekt voor zich dat lekken deze stromen gaan verstoren en zorgen dat de ventilatie niet meer goed functioneert. Uiteraard dienen zeker gebouwen met een uitgebalanceerde mechanische ventilatie goed luchtdicht te zijn.
En dan is er nog de isolatie. Isoleren doe je in feite met droge, stilstaande lucht. Deze lucht wordt vastgehouden, hetzij in opgeschuimd plastic of glas, hetzij in een structuur als glaswol, cellulosevezels of wol. Met andere woorden, je moet zorgen dat door de isolatie geen lucht wordt geblazen. Laat staan dat er vocht in zou terechtkomen. Vandaar dat een dak wordt opgebouwd met een luchtdicht dampscherm, dan de isolatie, dan een onderdak en daarboven het dak zelf. (Vandaag bestaan er ook zogenaamde 'damp-open systemen', die toelaten dat vocht uit de isolatie afgevoerd wordt, zonder tocht, maar dit zou ons hier te ver leiden.)

Belangrijkste oorzaken
Heel veel lekken komen voor in daken. Met name dakdoorvoeren staan bekend als luchtlekken. Het te ruim uitzagen van dakuitsparingen is een belangrijke oorzaak. Daarnaast wordt vaak te weinig rekening gehouden met de verwerkingscondities van het isolatiemateriaal en wordt de noodzaak van een afwerkplaat te weinig onderkend. Je kan al veel verhelpen door overal de kieren en aansluitingen van het dak goed met een speciale tape af te plakken. Een tweede bron van lekken zijn slechte aansluitingen van deuren en vensters. Goede luchtdichtheid heeft veel te maken met zorgvuldige afwerking tussen ramen en muren en tussen vloeren en muren. Bepleisterde muren geven uiteraard een betere luchtdichtheid dan onbepleisterde. Ook doorvoeren van buizen, stopcontacten en schakelaars dienen goed gedicht.

Hoe meet je de luchtdichtheid?
De gemakkelijkste manier om luchtdichtheid te meten is een 'blowerdoor'-meting. Bij dergelijke meting wordt een ventilator in een buitendeur geplaatst. Deze zuigt de lucht uit het gebouw en veroorzaakt zo een onderdruk. Je meet dan niets meer of minder dan de hoeveelheid lucht, die continu moet worden afgezogen om deze onderdruk te behouden. Men kan zo lekken detecteren en eventueel verhelpen. Dit luchtdebiet is een maat voor de lucht(on)dichtheid van het gebouwomhulsel. De luchtdichtheid wordt uitgedrukt door de 'n50-waarde'. Dit is het ventilatievoud (luchtdebiet gedeeld door luchtvolume van de woning) bij 50 Pa (Pascal = N/m²) drukverschil.
Volgens de Belgische ventilatienorm voor woningen is een goede waarde voor woningen met een gebalanceerd ventilatiesysteem (mechanische toe- en afvoer) beter dan 3 volumes/uur. Indien bovendien warmteterugwinning wordt toegepast, zou dit beter dan 1 volume/uur moeten bedragen. Uiteraard is het beste moment om dergelijke test te laten uitvoeren in de bouwfase, voor men aan de afwerking begint. Dan zijn lekken het gemakkelijkst opspoorbaar en kunnen ze ook het gemakkelijkst verholpen worden. Hoewel het een steeds belangrijker wordend kwaliteitskenmerk is, is luchtdichtheid in Vlaanderen nog zeker niet de regel. De luchtdichtheid ligt gemiddeld bij nieuwe gebouwen rond 8 volumes/uur. In Vlaanderen is er nog geen eis in verband met luchtdichtheid van gebouwen, echter in de nieuwe energieprestatieregelgeving zal dit wel degelijk een belangrijk aandachtspunt vormen.

Wil je meer informatie over dit onderwerp, neem dan een kijkje binnen de rubriek Duurzaam Bouwen van Livios of op www.centrumduurzaambouwen.be.

Bron : www.livios.be



 



19:38 Gepost door Antraciet | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.